‘Paul de Leeuw een pedofiel’?

Ineens was Paul de Leeuw weer trending. Paul de Leeuw een pedofiel? Iemand had een filmpje op internet gevonden waarin de cabaretier een kindersterretje met gespeelde wulpse blikken ‘kusjes’ geeft. Verder zien we het publiek goedkeurend schateren van de lach. Twitter explodeert en trollen weten al snel een verband te leggen met de ophanden zijnde ontmaskering van een wereldwijd pedofielennetwerk. Is dit het einde van de eens zo gevierde artiest en zijn volgelingen? Is Kunnen wij een link leggen tussen Paul de Leeuw, Bill Gates, de Obama’s en de voormalige secretaris-generaal Joris Demmink? Het antwoord is nee, want op het feit na dat de Leeuw en Demmink beiden Nederlanders zijn en Gates en Obama Amerikanen, is er verder geen zinvolle relatie te leggen.

PAUL DE LEEUW IS GEEN PEDOFIEL! Ik zal het maar even zeggen, voor het geval dat je mijn clickbait voor waar hebt aangenomen. Toch is het filmpje wel verhelderend. Wij keken met ons gezin altijd naar zijn shows en toch kon ik me het fragment niet meer herinneren. Het had geen blijvende indruk achtergelaten. Het is overigens wel iets wat volkomen paste in het format van dit genre shows. Wie het podium bij de Leeuw opging, wist wat de prijs van die vijf minuten roem kon zijn. Nu zou dat niet meer kunnen en zou ik me bij het kijken uiterst ongemakkelijk voelen. Wat moet ik hiervan vinden? Hoe kan het dat het merendeel, gezien de hoge kijkcijfers, deze vorm van humor leuk vond?

Dat heeft te maken met hoe het beschavingsproces werkt. Over het algemeen veranderen de goede zeden langzaam. De publieke schandpaal, (a)sociale-media, vaak aangevoerd door trieste trollen, versnelt dit proces. Voor je het weet zit je onder de digitale pek en veren en word je ‘gecanceld’. Langzaam aan censureren wij onszelf. Daar is niets onnatuurlijks aan. Op deze wijze hebben we geleerd om niet te smakken, met mes en vork te eten en niet te poepen op straat. Daar waar het in mijn jeugd normaal was om als je nodig moest tegen de muur te plassen, is dat anno 2020 niet meer gepast.

We zien het ook met Zwarte Piet die langzamerhand aan het verdwijnen is. Dit is niet ‘men pakt ons onze tradities af’, neen, het is hoe het beschavingsproces (Norbert Elias) werkt. Vroeger spuugde men op straat, liet men de hondenpoep daar achter en rookte men in gezelschap. Nu doen wij dit niet meer omdat het merendeel van ons iets beschaafder is geworden. Dat proces van langzame verandering is pijnlijk wanneer je er middenin zit. Plotseling kom je erachter dat hetgeen je vroeger deed volgens de hedendaagse moraal toch echt niet meer kan. Paul zal daarom een andere vorm van humor moeten ontdekken, want anders kan hij zijn comeback wel vergeten. Grappen die nu wel, maar later, over zo’n vijftig jaar, niet meer kunnen.

Ben jij een mislukking?

(c) Canstockphoto, Mishchenko

Ik zie een nieuwe trend en ben benieuwd of jij hem ook al hebt gespot. Mensen die op sociale media openlijk voor hun fouten of falen uitkomen. Het fascineert mij enorm en ik merk dat het op de een of de andere manier in mijn allergiezone zit. Ligt dit nu aan mij? Maar wat bezielt je om breed uit te meten hoe je een bepaalde keer op je snufferd bent gegaan? Waarom zou je jezelf overgeven aan een dergelijke vorm van publieke zelfkastijding. Heb je dan zo een laag gevoel van eigenwaarde? Of heb je er een andere bedoeling mee.

Een ding bereik je er wel en dat is dat het op de een of andere manier vertrouwen wekt. Immers mensen die openlijk voor hun fouten uitkomen, moeten wel heel wijs zijn. Dat zijn immers professionals die ergens iets van leren. Is het gezegde niet ‘faal snel, leer nog sneller’? Ja dat is zo, echter daar ligt de nadruk op het leren in plaats van op het falen. Bovendien heeft dit te maken met het werk wat we in teams doen in plaats van met het individu. Ook heeft het te maken met doelbewuste experimenten en niet met wat we ronduit geblunder kunnen noemen.

Als jij projectmanager bent en je hebt een keer een project verprutst omdat je het hebt nagelaten een risicoplan te maken of een stakeholderanalyse te doen, dan heb je het niet alleen verprutst maar ben je nog een prutser ook. Als ik jou was zou ik dat angstvallig stilhouden en hopen dat men je niet als bedrieger ontmaskert. Dit soort bekentenissen zijn mooi in een ideale wereld. Alleen daar leven we niet in. Kortom als het niemand opvalt, raad ik je aan om gewoon je mond te houden.

Realiseer je dat het meeste succes of falen meer op toeval berust en aan de omstandigheden is te wijten dan dat jij daar de oorzaak van bent. Het enige wat je kunt doen, is slim op de situatie inspelen. Maar beïnvloeden? Vergeet het maar. Wanneer de zaken complex zijn, is jouw invloed nagenoeg nul. Kortom wanneer je trots je falen bekent en de lessen daarvan met je toehoorders deelt, heeft dat weinig toegevoegde waarde. De volgende keer is er een andere situatie, zijn de krachten anders verdeeld en hebben de lessen die denkt geleerd te hebben weinig toegevoegde waard.

Kunnen we dan niets leren uit ‘falen’? Natuurlijk wel, maar alleen wanneer het een gevolg is van een weloverwogen experiment. We gaan iets proberen, voorspellen vooraf wanneer het faalt of slaagt, beschrijven de onderliggende logica en voeren het experiment uit. Wanneer je dan faalt, heb je iets geleerd, maar alleen dan. Al het andere is goedbedoeld gepruts.

Gooi maar open de boel, dat is beter voor de economie

Ik zie de eerste barsten in de solidariteit ontstaan. Mensen gaan, begrijpelijk, weer wat meer op straat. De curves zwakken af en het lijkt allemaal wat mee te vallen. Ook denken we weer na over een wereld na Corona, die hopelijk zoveel mogelijk op die van voor de uitbraak lijken zal. Enkele BN’ers met een ondernemersachtergrond vinden dat het nu welletjes is. De economie moet weer open. Kappers moeten kunnen knippen, kroegen en restaurants weer toegankelijk zijn. Maar ja, wat doen we met de kwetsbare groepen? De ouderen en de zieken, die moeten natuurlijk binnen blijven om de sterken hun ding te kunnen laten doen. Dit lijkt een voor de hand liggende redenering, echter deze getuigt van een grenzeloze stupiditeit die ik nu zal toelichten.

Het is duidelijk dat mensen met overgewicht tot de risicogroepen behoren. Dat is dus ongeveer 50% van de bevolking die dus van de straat moet. Denk je dat je daar draagvlak voor krijgt? We kunnen deze groep wat kleiner maken door alleen de mensen met obesitas de toegang tot de publieke ruimte te ontzeggen. Dat is ongeveer 15% van de bevolking. Alle dikke mensen van straat zou een oplossing zijn. Maar wacht even, ook mensen onder behandeling van kanker, of mensen met astma, of hartenkwalen, die  zijn ook kwetsbaar en moeten ook van straat. Lekker, dat is bevorderlijk voor je gezondheid, ineens ben je dan een tweederangsburger. Een ander scenario wat we horen is alle mensen boven de zestig niet meer in de openbare ruimte. Dat zijn bijna 4,5 miljoen mensen. Denk je dat dat realistisch is? Wat denk je wat er met de economie gebeurt als deze mensen niet meer mogen besteden? Ik ben boven de zestig en als dit gebeurt, stem ik de volgende keer 50+ en met mij vele anderen. Kun je je voorstellen wat dat voor effect heeft op de politieke stabiliteit van ons land? Moeten we niet willen.

Maar we zijn er nog niet. Want de hedonistische lage risicogroep die alles open gooien wil, vergeet iets anders. In Nederland is om en nabij 40% van de ruim vier miljoen mantelzorgers boven de zestig jaar. Als die niet meer naar buiten mogen, wie verleent dan zorg? Dan moeten we het nog hebben over het aantal professionele zorgverleners. Omdat die hun cliënten kunnen besmetten moeten we hen ook afschermen om te zorgen dat ze niet besmet worden. Dat zijn iets meer dan een miljoen mensen. Die kunnen dan niet naar de bios, theater, museum, restaurant of naar de kroeg. Dit terwijl jij lekker kunt genieten. Enkel en alleen omdat jij met je darwinistische superioriteit je leventje door wilt blijven leven.

Je bent wat mij betreft of zo ‘dom als het achtereind van een varken’ of iemand met zeer verwerpelijke waarden en normen. In het gunstigste geval ben jij kortzichtig. Ik heb een ander voorstel. Als jij nu in quarantaine gaat, dan bestemmen we speciale uren heel vroeg in de ochtend waarin jij je boodschappen kunt doen. Ook krijg je geen toegang meer tot het internet zodat je deze dommigheid niet verder kunt verspreiden. Daarnaast lijkt me een sandwichbord met daarop de woorden ‘ik ben dom’ ook een goed idee.

Vaak sluit ik af met de woorden ‘het ga je goed’ maar dat laat ik nu even achterwege.